Zorgen voor elkaar

In ons Den Haag kijken mensen naar elkaar om en kunnen inwoners vertrouwen op een gemeente die een vangnet biedt wanneer zij dit nodig hebben. Lees hier hoe wij gaan zorgen dat Den Haag een sociale stad blijft.

Werk en inkomen: eerlijk delen

In Den Haag moet iedereen fatsoenlijk kunnen rondkomen. Dat begint bij goed werk met een eerlijk loon, zodat je zonder geldzorgen je boodschappen kunt doen, je zorgverzekering kunt betalen en een fijn huis hebt. Als werken (even) niet lukt, hoor je er nog steeds volledig bij. Daarom bieden we een stevig sociaal vangnet en helpen we mensen om mee te doen op een manier die bij hen past – via scholing, vrijwilligerswerk of de stap naar werk.

Nog altijd leven te veel inwoners in armoede, onder wie veel kinderen. Dat is onacceptabel. In de afgelopen vier jaar hebben we belangrijke stappen gezet: we kozen voor vertrouwen in plaats van wantrouwen, meer mensen hebben recht op ondersteuning en hulp aanvragen is eenvoudiger geworden. Daar zijn we trots op. Tegelijkertijd zien we dat het landelijke sociaal minimum simpelweg te laag is om van rond te komen. Daarom zetten we in Den Haag alles op alles om armoede terug te dringen en blijven we richting de landelijke overheid stevig pleiten voor meer bestaanszekerheid.

Ook arbeidsmigranten verdienen eerlijk werk, een veilige plek om te wonen en bescherming tegen uitbuiting. Misstanden zoals veel te hoge huren, slechte huisvesting en misbruik door malafide uitzendbureaus tasten niet alleen hun rechten aan, maar schaden ook de leefbaarheid van Haagse wijken. Dat accepteren we niet. We pakken uitbuiting en misstanden hard aan, houden werkgevers en bemiddelaars verantwoordelijk en zorgen voor fatsoenlijke regels en handhaving.


Goed werk en eerlijk inkomen

  • Den Haag geeft ook zelf het goede voorbeeld, door onder meer de mensen die in de catering werken gewoon in vaste dienst te nemen bij de gemeente. De inhuur van uitzendkrachten en van (dure) externe bureautjes mag alleen als het echt niet anders kan. Dat beperken we tot een minimum, door verder te investeren in de expertise en de loopbaanontwikkeling van de Haagse gemeenteambtenaren.
  • Werk in de publieke sector verdient waardering, zij werken voor ons allemaal. Als eerste stap garandeert de gemeente Den Haag een hoger minimumloon – 60% van het mediane loon, minstens 18 euro per uur.
  • Wie voor onze stad werk uitvoert moet kunnen rekenen op fatsoenlijke arbeidsvoorwaarden. De beste garantie daarop is een goede collectieve arbeidsovereenkomst. Daarom bevorderen we het recht op collectief onderhandelen via aanbestedingen die de gemeente doet. Bedrijven die een cao hebben afgesloten met een onafhankelijke vakbond, en die ook naleven, verdienen zo de voorkeur bij overheidsopdrachten in Den Haag.
  • Samen met sociale partners gaan we aan de slag met de herscholing en omscholing van werknemers die in de economie van de toekomst aan het werk willen. Niet enkel de bedrijfsbelangen, maar juist de ontplooiing en ontwikkeling van werknemers staat hierbij centraal. En we ondersteunen leer-werkbedrijven. Zo komen mensen duurzaam aan de slag.
  • Bij iedere stage hoort een stagevergoeding, want werk moet lonen. Samen met jongerenorganisaties spreekt de gemeente werkgevers aan die geen of een erg lage stagevergoeding aanbieden, want iedere loopbaan moet juist op een vliegende start kunnen rekenen.
  • Wij tolereren geen arbeidsmarktdiscriminatie, en knokken voor gelijke kansen. Als je aan de slag wil in onze stad moet het niet uitmaken in welke postcode je woont, welke huidskleur je hebt, hoe oud je bent, welke geaardheid, sekse of gender je hebt, of dat je een beperking hebt. Daarom start Den Haag met een anti-discriminatieoffensief.


Een stad waarin iedereen aan de slag kan

  • Het succes van de STiP-banen moet worden voortgezet en smaakt naar meer. Daarom voeren we in Den Haag ook Basisbanen in. Met mensen die al langdurig aan de zijlijn staan wordt samen gezocht naar geschikte werktaken om uit te voeren, die de samenleving mooier maken maar die nu niet plaatsvinden. Zo helpen we mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt duurzaam aan de slag. Uiteraard wordt hier minstens het minimumloon voor betaald en wordt er geen doorstroomverplichting naar een reguliere baan aan verbonden.
  • We prioriteren de uitstroom naar goed werk, met voldoende werkuren en een rechtstreeks dienstverband bij de werkgever, om mensen duurzaam aan de slag te helpen. Zo vervallen ze niet weer terug in een uitkering na een kortstondige uitzendbaan of een ander onzeker flexwerk contract. Zo helpen we mensen niet alleen echt vooruit, maar lossen we werkloosheid ook structureel op en voorkomen armoede onder werkenden.
  • Voor veel mensen met een bijstandsuitkering is de stap naar werk te groot, bijvoorbeeld door een chronische ziekte, psychische klachten of andere problemen. Daarom verplichten we niemand om te werken met behoud van uitkering – dus geen verplichte tegenprestatie. We investeren juist in mensen op een manier die bij hen past: voor de één is dat dagbesteding, het opdoen van sociale contacten en het bouwen aan meer zelfvertrouwen, voor de ander is dat een opleiding, vrijwilligerswerk of langzaam stappen zetten naar regulier werk.
  • We zorgen voor goede begeleiding naar passend werk. Onder meer ouderen, mensen met een arbeidsbeperking, vluchtelingen en statushouders zijn hierbij gebaat. We gaan met mensen individueel om tafel om te zien wat zij nodig hebben om aan de slag te kunnen. We bespreken met Haagse ondernemers hoe iedereen een stap extra kan zetten zodat niemand in deze tijd van arbeidsmarktkrapte langs de kant hoeft te staan. We blijven de loonkostensubsidie inzetten om mensen aan passend werk te helpen.
  • We versterken de economische zelfstandigheid van vrouwen. Nog te veel vrouwen zijn financieel afhankelijk van een partner en vallen buiten gemeentelijke ondersteuning omdat ze geen uitkering ontvangen. Daarom investeren we in kansen om een eigen inkomen op te bouwen: via scholing, ontwikkeling, begeleiding naar werk of ondersteuning bij het starten van een onderneming. Echte gelijkwaardigheid vraagt om financiële onafhankelijkheid.
  • Mensen die deeltijd werken naast hun uitkering, moeten erop vooruitgaan. Doordat mensen mogen bijverdienen in de bijstand, komen ze juist eerder weer aan het werk. Daar gaan we mee door, en we maken de stap naar (deeltijd)werk soepeler door de inzet van een bufferbudget waarmee de overgang van uitkering naar werk makkelijker wordt.
  • Veel inwoners dragen met hun vrijwilligerswerk bij aan een sociale en levendige stad. Ouderen blijven er actief door en het kan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt helpen om betaald werk te krijgen. Daarom zorgen we ervoor dat organisaties de ruimte hebben om een vrijwilligersvergoeding te bieden, en worden bijstandsgerechtigden niet gekort op hun uitkering als ze een vrijwilligersvergoeding krijgen.


Iedereen een waardig bestaan

  • Armoede is vaak meer dan een gebrek aan geld. Het is de stapel van zorgen die elkaar versterken: een lege koelkast, een tochtend huis, rekeningen op de mat en voortdurende stress. Daarom kiezen wij voor een gemeente die uitgaat van wat mensen zélf nodig hebben. Geen doolhof van loketten, formulieren en regels, maar hulp die aansluit bij de werkelijkheid van het dagelijks leven. Daar hebben we de afgelopen jaren verandering in gebracht, en die koers zetten we door.
  • Dankzij onze inzet kunnen nu meer inwoners, nu met een inkomen tot 150% van het sociaal minimum, gebruikmaken van de Ooievaarspas. Zo kunnen kinderen bijvoorbeeld gratis sporten of muziekles volgen. Dat blijft zo – meedoen mag nooit afhangen van je portemonnee.
  • We vergroten het besteedbaar inkomen van mensen in armoede, bijvoorbeeld met een vrij te besteden bedrag bij de Ooievaarspas of via initiatieven als Gewoon geld geven, waarbij mensen elke maand extra inkomen ontvangen zonder ingewikkelde voorwaarden. Want mensen weten zelf het beste wat zij en hun gezin nodig hebben – vertrouwen werkt beter dan regels en controles.
  • We steunen sociale initiatieven die mensen direct helpen, zoals de Voedselbank, de Participatiekeuken en uitgiftepunten voor gratis menstruatieproducten. Deze initiatieven hebben het vertrouwen van bewoners en zijn van grote waarde. Daarom bouwen we de samenwerking uit: wie daar aanklopt voor noodhulp, kan ook geholpen met structurele ondersteuning vanuit de gemeente. Zo helpen we mensen niet alleen nú, maar ook vooruit.
  • Jongeren met financiële problemen verdienen een eerlijke kans op een toekomst. Daarom versterken we het Jongeren Perspectief Fonds, zodat jongeren snel schuldenvrij worden. We kijken hoe het Bouwdepot een waardevolle aanvulling kan zijn: een jaar lang maandelijkse financiële steun voor jongeren in kwetsbare situaties, zoals dak- of thuisloosheid of problematische schulden. We betrekken jongeren zelf bij het ontwikkelen van deze aanpak.
  • Steeds meer mensen met werk leven toch in armoede, zoals flexwerkers, mensen met een wisselend inkomen, zzp’ers en ondernemers. Veel van hen weten niet dat zij recht hebben op ondersteuning of durven geen hulp te vragen uit angst later te moeten terugbetalen. Daarom maken we armoederegelingen beter bereikbaar voor werkenden én zorgen we dat mensen actief worden gevonden en geholpen.
  • Schulden aanpakken betekent niet alleen oplossen, maar ook voorkomen. Daarom investeren we in vroegsignalering, het bespreekbaar maken van geldzorgen en het doorbreken van taboes. Wanneer mensen toch in grote problemen komen, grijpen we sneller en effectiever in. We kopen waar nodig schulden op, zodat mensen direct rust krijgen en weer perspectief hebben. Hierbij maken we gebruik van ervaringen uit andere gemeenten waar dit effectief gebeurt.
  • Kwetsbare mensen moeten kunnen rekenen op bescherming, niet op misbruik. Toch verdienen sommige bewindvoerders geld over de rug van mensen met schulden of psychische problemen. Dat accepteren we niet. We komen in actie tegen malafide bewindvoerders door streng toezicht, stevige afspraken met de sector en betere bescherming van bewoners. Bewindvoering moet bijdragen aan herstel en rust – nooit aan winstbejag.
  • Kinderarmoede begint bij armoede in het gezin. Daarom pakken we niet alleen de gevolgen, maar vooral de oorzaken aan: het wegnemen van geldzorgen en stress bij ouders. Onderzoek laat zien dat juist gezinnen met kinderen structureel het meeste geld tekortkomen. Daarom verdubbelen we het budget voor de bestrijding van kinderarmoede naar 4 miljoen euro. Zo garanderen we dat alle kinderen kunnen meedoen aan sport, cultuur en (school)activiteiten. We luisteren actief naar kinderen zelf en nemen hun perspectieven mee in het beleid.


Menselijke gemeente

  • Goed helpen begint met écht luisteren. Iedere situatie is anders, daarom vraagt maatwerk meer tijd en aandacht. We zorgen voor voldoende professionals die mensen persoonlijk kunnen begeleiden en we vertrouwen op hun vakmanschap. Met een ruim Maatwerkfonds krijgen zij de vrijheid om ook buiten de standaardregels om te doen wat écht helpt. Geen bureaucratie, maar oplossingen die werken.
  • We zetten vertrouwen boven wantrouwen en schaffen het Meldpunt Fraude bij uitkeringen af. Inwoners moeten niet bang hoeven zijn dat buren of bekenden een melding over hen doen. Fraude bestrijden is een taak van de overheid, niet van inwoners – en zeker geen reden om mensen in armoede onder algemene verdenking te zetten.
  • Gemiddeld duurt het zeven jaar voordat mensen in armoede durven aankloppen bij de gemeente. Daarom richten we een anonieme telefoon- en chatlijn in waar bewoners vragen kunnen stellen over regelingen. Hier wordt ook duidelijk uitgelegd waarvoor gegevens worden gebruikt en waarom deze nodig zijn. De campagne ‘Niemand verdient geldzorg’ zetten we voort als communicatiemiddel om financiële zorgen bespreekbaar te maken.
  • We zorgen voor één loket, één telefoonnummer en één website waar mensen met geldzorgen terechtkunnen. De Helpdesk Geldzaken vormt hiervoor de basis en wordt versterkt. Fysieke loketten blijven bestaan, zodat ook laaggeletterden en minder digitaal vaardigen goed geholpen worden.
  • We vergroten het bereik van regelingen en maken deze laagdrempelig, zodat niemand wordt buitengesloten. Dit doen we door voort te bouwen op het automatisch uitkeren: als je ergens recht op hebt, wordt het automatisch uitbetaald.
  • Het aanvragen van hulp of ondersteuning mag nooit leiden tot nieuwe problemen. Daarom leggen we het risico niet bij bewoners, maar bij de gemeente. Gaat er iets mis met een formulier of wordt er een fout gemaakt bij een aanvraag, dan zoeken we samen naar een oplossing zonder boetes of harde terugvorderingen. Eventueel terugbetalen gebeurt altijd in overleg en zonder financiële stress. Kleine fouten mogen nooit grote gevolgen hebben.
  • We benutten alle ruimte die de Participatiewet gemeenten biedt om mensen beter te helpen. Onnodig strenge regels schaffen we af of passen we zo ruim mogelijk toe. Daarom gaan we verder met het afschaffen van de kostendelersnorm, die het delen van een woning bestraft en dakloosheid in de hand werkt. We gaan door met samenwonen op proef, waardoor een stel dat gaat samenwonen niet direct gekort wordt op hun uitkering.
  • Het beste armoedebeleid maak je door te luisteren naar mensen die het zelf (hebben) ervaren. Daarom investeren we in ervaringskennis binnen de gemeentelijke organisatie, en maken we meer gebruik van ervaringsdeskundigheid (uiteraard door mensen te betalen voor het delen van hun deskundigheid).


Arbeidsmigratie in goede banen

  • We treden keihard op tegen werkgevers die arbeidsmigranten uitbuiten. We accepteren het niet dat mensen als wegwerpartikel worden behandeld. Daarom stellen we paal en perk aan werkgevers, uitzendbureaus en huisvesters die van arbeidsmigratie hun verdienmodel hebben gemaakt. De inwoners van Den Haag zijn het bovendien beu dat hun buurt verloedert vanwege het onverantwoordelijke gedrag van uitzendbazen, die te veel mensen in panden onderbrengen en deze mensen steeds van hot naar her verslepen voor hun onderdak.
  • In onze regio zijn nog te veel bedrijven die draaien op lage lonen en kwetsbare arbeidsvoorwaarden, zoals de glastuinbouw en distributiecentra. Daarom zet Den Haag zijn invloed in – via de MRDH en richting de provincie en het Rijk – om verdere groei van deze laagbetaalde economie te voorkomen en waar mogelijk terug te dringen.
  • Den Haag telt meer dan 1600 uitzendbureaus en een flink deel daarvan bestaat alleen om illegale schijnconstructies met arbeidsmigranten te kunnen verdoezelen. Daarom zetten we in op een grootschalige opschoonactie, samen met de Arbeidsinspectie, de Haagse Pandbrigade en de Belastingdienst, om het kaf van het koren te scheiden in de Haagse uitzendsector.
  • Arbeidsmigranten moeten dezelfde huurrechten en huurbescherming krijgen als andere huurders in onze stad. Den Haag steunt daarom een snelle scheiding van bed en baan, zodat arbeidsmigranten niet meer dubbel afhankelijk zijn van hun werkgever: voor hun onderdak én hun inkomen. De mogelijkheid voor werkgevers om 25% van het minimumloon in te houden voor hun huisvesting leidt tot misstanden en moet landelijk zo snel mogelijk volledig verboden worden. De arbeidsinspectie moet hier stevig op gaan handhaven.
  • De gemeente Den Haag gaat periodiek langs bij tuinders in het Westland waar veel arbeidsmigranten werken, om na te gaan of zij te maken hebben met misstanden en om hun registratie in het BRP of het RNI meteen te regelen. Van het Westland eisen we dat zij het aantal huisvestingsplaatsen verdubbelen. Nu woont het merendeel van de arbeidsmigranten die in het Westland werken elders, waaronder in de kwetsbare Haagse wijken.
  • De gemeente Den Haag gaat taal- en integratiecursussen voor arbeidsmigranten faciliteren, zodat zij en hun kinderen als volwaardige inwoners mee kunnen doen in onze samenleving. Met werkgevers gaan we om tafel hoe zij hier (financieel) aan gaan bijdragen.
  • We investeren in meer mobiele informatiepunten in de kwetsbare Haagse wijken die arbeidsmigranten op hun rechten moeten wijzen. EU-arbeidsmigranten die door hun werkgever zijn afgedankt en op straat terecht zijn gekomen helpen we weer op weg door opvang en begeleiding in de speciale EU-arbeidsmigrantenopvang.


Sekswerk is werk

  • Sekswerk is werk. Nieuw beleid maken we altijd samen met sekswerkers zelf, hun belangenorganisaties, exploitanten, deskundigen en buurtbewoners. We zetten in op modern beleid dat past bij de praktijk van vandaag, inclusief online sekswerk.
  • We evalueren de resultaten van de pilots voor alternatieven van het raamsekswerk. Hiermee kijken we hoe de behoeften aan verschillende vormen van sekswerk het beste tegemoetgekomen kunnen worden. We hebben in het bijzonder aandacht voor groepen die nog onvoldoende ruimte hebben binnen het sekswerk, zoals mannelijke en transgender sekswerkers.
  • We willen dat sekswerkers veilig en prettig kunnen thuiswerken, zonder dat dit negatieve effecten heeft op hun privacy, welzijn of hun omgeving. We willen daarom thuiswerken als pilot toestaan in Den Haag.
  • Een uitsterfbeleid voor raamsekswerk is schadelijk voor de veiligheid en het welzijn van sekswerkers. In Den Haag blijft plek voor sekswerkers die de voorkeur hebben voor raamsekswerk.
  • We werken aan het verbeteren van de leefbaarheid in en rondom de raamsekswerkstraten. Hiervoor onderzoeken we hoe ingrepen op het gebied van mobiliteit, parkeren en handhaving de straten voor iedereen kunnen verbeteren


Zorg en welzijn: een gezonde stad waarin we naar elkaar omkijken

Samen werken we aan een stad waar bewoners een lang, gezond en gelukkig leven leiden en waar we naar elkaar omkijken. Jongeren moeten gezond en zonder zorgen kunnen opgroeien en senioren verdienen een prettige oude dag. In Den Haag moet je kunnen rekenen op toegankelijke, kwalitatieve en betrouwbare zorg en ondersteuning wanneer jij die nodig hebt. Daarvoor maken zorgprofessionals, hulpverleners, mantelzorgers, buren en vrijwilligers dagelijks het verschil. Wij koesteren die zorgzaamheid, door het niet als vanzelfsprekend te ervaren en ondersteuning te bieden. De gemeente investeert in professionals, goede laagdrempelige voorzieningen en sterke wijken en gemeenschappen.

Tegelijkertijd staat de Haagse zorgzaamheid onder druk. Bezuinigingen op zorg en gemeenten, in combinatie met marktwerking en rommelige decentralisaties, heeft van de zorg een ingewikkeld en veelkoppig monster gemaakt. Te vaak gaat de zorg niet meer over de mensen die de zorg nodig hebben. Te vaak draait het om regels en controle in plaats van de behoeften van mensen. Marktwerking heeft de zorg duur en ingewikkeld gemaakt, terwijl het de kwaliteit niet verbeterde. Jongeren in crisissituaties staan op de wachtlijst voor de jeugdzorg en voorzieningen zoals het WMO en leerlingenvervoer zijn te vaak onbetrouwbaar.

Iedereen moet zich veilig kunnen voelen in het contact met de politie. Daarom blijven we ons inzetten voor een diverse en inclusieve politieorganisatie. Ook vinden we de juiste bejegening van burgers belangrijk en zetten we ons actief in om etnisch profileren te voorkomen.

In de afgelopen jaren brachten wij hier verandering in. Bewoners die om zorg en ondersteuning vragen worden met meer vertrouwen benaderd. De druk op vervoerder Noot om tot verbeteringen te komen is opgevoerd. De marktwerking in de WMO wordt aangepakt en de gemeente investeerde miljoenen euro in preventie en sterkere buurten.

Een gezonde stad voor iedereen is mogelijk. Ook in de komende jaren blijven we daaraan bouwen.


Goede, toegankelijke zorg voor iedereen

  • Zorg moet beschikbaar zijn voor alle Hagenaars, ongeacht inkomen, achtergrond of wijk. Niemand mag buiten de boot vallen door bureaucratie of wachtlijsten. In de afgelopen periode zijn we wijkgericht gaan werken, hier gaan we mee door.
  • We zijn kritisch op marktwerking in de zorg. Zorg draait immers om mensen, niet om winst. Daarom zetten we de plannen om marktwerking te verminderen door. We zetten in op minder concurrentie en aanbieders en meer samenwerking op basis van kwaliteit. Met structurele subsidies bieden we zorgorganisaties zekerheid, terwijl we tegelijkertijd de winst maximeren en steviger controleren op kwaliteit en zorgfraude.
  • Bij het toekennen van WMO-zorg, of het nou gaat om een scootmobiel, huishoudelijke hulp of begeleid wonen, staat de behoefte van de mens centraal. Niet regels en wantrouwen, maar vertrouwen in de aanvragers en hun zorg en ondersteuningsprofessionals is doorslaggevend. Bewoners hoeven niet jaarlijks opnieuw te bewijzen dat ze hun zorg nodig hebben.
  • Het doelgroepenvervoer (het leerlingenvervoer en de AV070) biedt niet de kwaliteit en betrouwbaarheid waar de passagiers recht op hebben. Te vaak komen ritjes te laat, worden leerlingen niet goed begeleid of is het überhaupt niet mogelijk om de AV070 te reserveren. Oplossingen voor huidige problemen mogen niet wachten tot de nieuwe aanbesteding. We kijken zo snel mogelijk naar alternatieven voor vervoerder Noot, die lang genoeg de kans heeft gekregen om voor verbeteringen te zorgen.
  • Het beroep op zware vormen van ondersteuning neemt de komende jaren verder toe. We bieden laagdrempelige ondersteuning, staan dicht bij mensen en signaleren het zo vroeg mogelijk als het niet goed gaat. We investeren in het versterken van de sociale basis, maar zijn ook realistisch dat niet bij iedereen een sociaal netwerk haalbaar is of de oplossing kan bieden.
  • Zorg en wonen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Daarom houden we in ons woonbeleid rekening met de zorgbehoeften en zorgen we voor genoeg woningen voor mensen die uitstromen uit zorginstellingen zoals de maatschappelijke opvang en de jeugdzorg.
  • Iedereen moet verzekerd zijn van zorg in Den Haag en dus een zorgverzekering hebben. Daarom gaan we door met de Haagse Zorgverzekering, die voordelig is voor mensen met een lager inkomen. In schrijnende situaties willen we dat de gemeente een verzekering kan afsluiten voor inwoners van Den Haag.
  • Zorgverleners zijn onmisbaar voor het leveren van kwalitatieve zorg. We vertrouwen hen daarom op hun professionaliteit en geven hen de ruimte om hun werk te doen. Onnodige regels en formulieren gaan we tegen. Zorgverleners worden betrokken bij nieuw beleid, zodat hun dagelijkse praktijk wordt meegenomen.
  • We staan voor een inclusieve zorg. Daarom zetten we in op cultuursensitieve zorg en houden we rekening met de toegankelijkheid voor laaggeletterden, anderstaligen en digibeten.
  • We zien steeds vaker problemen met onbegrepen gedrag. Vaak is de oorzaak dat mensen kampen met psychische klachten. Door in te zetten op kleinschalige ggz-teams die snel op meldingen af kunnen, voorkomen we zo veel mogelijk dat problemen verder uit de hand lopen.
  • Iedereen verdient een menswaardig thuis. Ook voor mensen die niet gemakkelijk in een woonwijk of maatschappelijke opvang kunnen wonen. Daarom bieden we hen een plek naar het concept van Skaeve Huse. Dit is een plek op enige afstand van een woonwijk, omdat een prikkelarme manier van wonen hen helpt, met duidelijke regels en de juiste begeleiding.
  • Innovaties kunnen helpen bij het toekomstbestendig maken van de zorg, als ze zijn ontwikkeld vanuit de belangen en ervaringen van patiënten/cliënten en zorgverleners. Innovatie is nooit een doel op zich: kwaliteit staat voorop en persoonlijk contact mag niet in het geding komen.
  • De ruim 160.000 Haagse mantelzorgers, mensen die zorgen voor familie, buren of vrienden, zijn onmisbaar. Zij verdienen onze waardering en steun. Bij het indiceren van WMO doen we geen onredelijk beroep op mantelzorgers. De gemeente organiseert goede en passende respijtzorg.


Een gezonde stad voor iedereen

  • Voorkomen is beter dan genezen. Iedereen heeft recht op een lang, gezond en gelukkig leven. Daarom zetten we stevig in op preventie en een gezonde stad. Daarbij is het aanpakken van de grote gezondheidsverschillen in onze stad een belangrijke prioriteit
  • We gaan door met de Haagse Preventieaanpak en voorkomen zo dat gezondheidsproblemen ontstaan of erger worden. Dat doen we bijvoorbeeld door vroeg ondersteuning te bieden bij psychische problemen, met het bestrijden van eenzaamheid of valpreventie voor senioren.
  • Preventie mag niet leiden tot paternalisme of het individualiseren van gezondheidsproblematiek. We richten ons extra op het aanpakken van factoren in de omgeving die bijdragen aan een slechtere gezondheid. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het tegengaan van eenzaamheid, geldzorgen en vocht en schimmel en het bevorderen van een gezonde leefomgeving en gezonde werkomstandigheden. We nemen gezondheid mee in alle beleidsterreinen die daar invloed op hebben.
  • We zetten ons in voor een rookvrije generatie. We breiden het aantal rook- en vapevrije zones uit en weren nieuwe tabakszaken;
  • Een lage vaccinatiegraad is een risico voor de hele stad. We blijven inzetten op het verhogen van de vaccinatiegraad. Daarbij zijn we er ons van bewust dat laag vertrouwen in de overheid onderdeel van het probleem is en werken we samen met zorgprofessionals, scholen, sportverenigingen en maatschappelijke organisaties.
  • We zorgen voor vroegsignalering, preventie en maatwerk bij jonge mensen die uitvallen uit jeugdzorg of onderwijs, en bij mensen die hun woning verliezen door schulden of echtscheiding. GGZ, maatschappelijke opvang, woningcorporaties en sociale diensten werken nauwer samen, onder regie van de gemeente.
  • Wijkcentra, huisartsen en wijkverpleegkundigen worden versterkt, zodat hulp dichtbij en vertrouwd is. We bouwen aan een sterk netwerk van eerstelijnszorg en sociale ondersteuning in alle buurten. Dit doen we door alle sociale partners samen te brengen in de wijkcentra. Daar vind je huisartsen, wijkverpleegkundigen, gemeentelijke diensten en andere hulpverleners op één plek. In de wijkkamers kunnen bewoners elkaar ontmoeten en een kopje koffie drinken. Alle professionals in het wijkcentrum zijn goed op de hoogte
    van elkaars werk en signalen, zodat mensen altijd op de juiste plek terechtkomen. Zo zorgen we voor een toegankelijke, samenhangende ondersteuning dicht bij huis.
  • We zorgen voor wijkbudgetten, zodat er per wijk financieel kan worden gekeken wat werkt. We investeren extra in wijken met een lagere levensverwachting en slechtere gezondheid. Iedereen verdient gelijke kansen op een gezond leven, waar je ook woont.
  • Voor beginnende huisartsen wordt het steeds moeilijker om een geschikte plek te vinden om een praktijk te vestigen. Het is onacceptabel dat patiënten ver moeten reizen voor huisartsenzorg, zeker mensen die slecht ter been zijn. Daarom moet er bij ruimtelijke planvorming rekening worden gehouden met voorzieningen zoals een huisartsenpraktijk. Zo zorgen we ervoor dat huisartsenzorg voor iedereen bereikbaar blijft.
  • De seksuele gezondheid in Den Haag staat onder druk. Zo neemt het condoomgebruik onder jonge mensen af en het aantal hiv-besmettingen toe. Daarom zetten we in op betere voorlichting, in samenwerking met het centrum voor seksuele gezondheid en GGD Haaglanden. We dragen er zorg voor dat mensen goede toegang hebben tot PrEP medicatie.


Jeugdzorg

  • We zetten in op wijkgerichte jeugdzorgpunten waar jongeren en ouders gemakkelijk terecht kunnen voor advies, ondersteuning en doorverwijzing. Bij deze centra zijn hulpverleners vanuit verschillende disciplines aanwezig. Voor gezinnen met multiproblematiek is er één goed vindbare hulplijn zodat toegang tot zorg altijd gewaarborgd is. De gemeente pakt zijn verantwoordelijkheid bij gezinnen die tegen de muur oplopen, ouders en gezinnen kunnen bij een specifiek loket terecht met hun vragen.
  • We hebben blijvende aandacht voor de overgang van jeugdhulp naar Kracht en Rondom Jou. We monitoren wachttijden, zorgen dat kinderen met een acute hulpvraag direct geholpen kunnen worden en betrekken ouders én het kind bij de keuze voor wat de meest geschikte zorg is. Kinderen mogen nooit de dupe worden van personeelstekorten.
  • Uithuisplaatsing is altijd ingrijpend. Als het nodig is, dan is de belangrijkste prioriteit de veiligheid van het kind. Misstanden in de pleegzorg laten zien dat dat helaas nog niet altijd de praktijk is. We gaan regelmatig in gesprek met aanbieders van pleegzorg en spreken daarbij ook altijd het kind.
  • Jeugdhulporganisaties moeten daarnaast beter samenwerken. We breiden multidisciplinaire proeftuinen, waar gezinnen met multiproblematiek door meerdere organisaties geholpen worden, samen met de regio uit. De gemeentelijke afdelingen voor zorg, jeugd, participatie en wonen werken intensiever samen.
  • We betrekken jongeren actief bij het evalueren van jeugdzorg en faciliteren jongereninitiatieven en zelfhulpnetwerken.
  • Het is onaanvaardbaar dat kinderen door lange wachtlijsten thuis komen te zitten en niet naar school kunnen. Dit pakken we als eerste aan. We maken afspraken met jeugdzorginstellingen en zorgen ervoor dat een kind nooit langer dan drie weken hoeft te wachten op een intakegesprek. Crisiszorg is altijd direct beschikbaar.
  • Het jeugdzorgsysteem moet makkelijker en overzichtelijker zijn. Er zijn nog steeds veel ouders die niet weten waar ze aan toe zijn en van wie klachten niet worden gehoord of afgehandeld. Daarom versimpelen we het aanmeldproces en de klachtenprocedure. We wijzen ouders en kinderen proactief op hun rechten. Met gemeenten in de regio maken we één rapportagestandaard voor de jeugdzorg om administratieve lasten tot een minimum te beperken.
  • We blijven voorstander van een integraal persoonsgebonden budget (IPGB) omdat dit mensen de kans geeft om zelf passende zorg, werk en woonruimte te regelen.
  • Landelijk blijven we aandringen op meer budget om de toegang tot de jeugdzorg te verbeteren. De uitvoering van de Jeugdwet is een wettelijke taak waarvoor gemeenten voldoende geld moeten krijgen. Wij gaan ervan uit dat er vanaf 2028 een structurele oplossing komt.
  • We zijn tegen een eigen bijdrage voor de jeugdzorg. Dit is in strijd met het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind en maakt jeugdzorg ontoegankelijk voor degenen die het hardst nodig hebben.
  • Als je 18 jaar wordt, verandert er veel. Samen met jeugdorganisaties en mbo-scholen informeren we jongeren over de veranderingen. Jongvolwassenen leren zo over hun nieuwe rechten en plichten.
  • Voor jongeren die uit de jeugdzorg komen, zorgen we voor een goede overgang naar WMO-voorzieningen en voorkomen we onnodige drempels voor verlengde jeugdhulp. Waar nodig krijgen jongeren langer zorg, of hulp bij het vinden van een woning. Passende zorg of begeleiding mag niet afhangen van een leeftijdsgrens. De Big5 moet op orde zijn bij een jeugdige voordat de hulp wordt stopgezet. De afweging voor verlengde jeugdhulp kan het beste gemaakt worden door hulpverleners, jeugdigen en ouders samen. Om ervoor te zorgen dat voor deze jongeren hun 18e verjaardag niet stressvol maar feestelijk is, informeren we jeugdigen ruim van tevoren over de toekenning van verlengde jeugdhulp.
  • We investeren in aangepaste faciliteiten en ondersteuning voor jongeren met beperkingen of speciale behoeften, zodat zij volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving.


Welzijn in de wijk

  • Voor goed welzijnswerk zijn stevige professionals nodig die tijd en aandacht hebben om er te zijn voor zij die het echt nodig hebben, vooral mensen die zich niet vanzelf aan bij de gemeente melden. Meer structurele financiering is cruciaal om mensen goed te bereiken en de zelf- en samenredzaamheid te vergroten. Van welzijnsorganisaties verwachten we kennis en verbinding met de wijk.
  • Welzijnswerk werkt alleen als het goed geworteld is in de wijk. Er wordt een gelijk speelveld gecreëerd zodat het gesubsidieerde welzijnswerk toegankelijk is voor grote én kleine organisaties, zowel in procedure als voorwaarden. We bieden kleinschalige organisaties meer zekerheid door de financiering meerjarig te maken en de bureaucratische druk moet in verhouding staan tot personele beschikbaarheid. Zo kunnen welzijnswerkers hun tijd steken in bewoners in plaats van in het invullen van formulieren.
  • Mensen die de wijk kennen, de bewoners vertrouwen en snel kunnen handelen zijn van onschatbare waarde. Daarom koesteren we onze communitybuilders.
  • Meer jongerenwerkers op straat, in scholen én online. We kiezen voor preventie, perspectief en vertrouwen. Voor de oudere jeugd zetten we meer (en structureel) straatcoaches in. Zij signaleren, winnen vertrouwen van jongeren die overal buiten vallen, begeleiden naar school, werk, vrijwilligerswerk en voorkomen dat jongeren afglijden.
  • We breiden huisbezoeken uit voor ouderen, mantelzorgers en mensen met een beperking. We zetten hier meer capaciteit op in. Dat geldt ook voor de gezinscoaches.
  • We breiden het aantal ontmoetingsplekken in de stad fors uit. Plekken waar je elkaar tegen komt en waar professionals makkelijk kunnen ‘aanlanden’. Met name in de wijken waar veel ouderen wonen, waar de eenzaamheid groot is en waar de sociale cohesie minder is. We hebben hierbij specifiek ook aandacht voor jongeren.
  • De stad is van ons allemaal. Daarom zorgen we voor een welzijns- en wijkenbeleid dat inclusief is en ruimte biedt aan diversiteit. In Den Haag telt iedereen mee.
  • We breiden het aantal zorgkamers uit in de stad waar mensen terecht kunnen met vragen over zorg, gezin en andere ingewikkelde situaties. We doen dit naar het goede voorbeeld in Den Haag Zuidwest, waar ontzettend veel mensen in beeld komen, die anders buiten beeld zouden blijven. We zorgen zo voor goede toeleiding naar de Wmo en eerstelijnsvoorzieningen die er zijn en voorkomen op tijd dat problemen verergeren.
  • De groep van ouderen in Den Haag wordt steeds groter. Ouder worden brengt specifieke aandachtspunten met zich mee en dat vraagt om consequente en structurele aandacht in gemeentelijk beleid. Wij willen daarom in het volgende college een coördinerend wethouder ouderenbeleid en zetten de inzet op een seniorvriendelijke stad door.
  • We houden in het ondersteuningsaanbod rekening met de diversiteit onder ouderen (en hun mantelzorgers), of het nou gaat om mensen die meer moeite hebben met de taal of computer, inkomen, of queer en cultuursensitiviteit. We verbreden het aanbod aan ouderenconsulenten met extra kennis over culturele gemeenschappen.
  • Voor prettig (samen) ouder worden is het ook belangrijk dat we als stad genoeg ruimte bieden voor zelforganisaties voor culturele gemeenschappen. Zij bieden ouderen een tweede thuis waarin mensen naar elkaar omkijken en maken ontmoeting en het vieren van belangrijke feestdagen mogelijk. Nu is er echter een groot tekort aan ruimte voor grotere bijeenkomsten. De gemeente helpt via vastgoedbeleid met het vinden van geschikte locaties